Transitie naar gezonder en duurzamer voedselaanbod noodzakelijk

Jaap Seidell_Food Technology_MP

De voedingsindustrie moet veranderen en met een duurzamer en gezonder aanbod komen. Daarvoor pleit keynote speaker Jaap Seidell tijdens zijn lezing op de tweede dag van Food Technology. “We hebben ons kapot geïnnoveerd aan producten voor kinderen, maar het zijn allemaal producten die ze eigenlijk niet zouden moeten eten.”

“Als we allemaal willen leven zoals we nu doen dan hebben we 3,5 planeet nodig”, zegt Seidell. “We moeten dus iets anders gaan doen. Voedselproductie en -consumptie zijn daar een belangrijk onderdeel van.” Momenteel is er veel ongezonde voeding op de markt. Een ongezonde levensstijl leidt tot allerlei gezondheidsproblemen zoals obesitas, kanker en depressie. De kosten die hiermee gepaard gaan zoals zorgkosten nemen toe. De coronapandemie heeft deze problematiek verergerd. “Maar”, zegt Seidell, “we zijn nog nooit zo goed in staat geweest om daar iets aan te doen.”

Voedselsysteem

Ons huidige voedselsysteem is gebaseerd op marktprincipes. Het is gericht op maximalisatie van winst en  opbrengsten uit de landbouw en veeteelt. Effecten op de gezondheid, milieu en dierenwelzijn spelen geen rol. De voedingsindustrie is vooral gebaat bij de verkoop van veel voedsel. Dit betekent lage prijzen, goedkope ingrediënten, lage voedingswaardes en producten geschikt voor onmiddellijke consumptie. De marketing richt zich vooral op ongezonde producten.

“Hoe voeden we de wereldbevolking als we straks met 10 miljard zijn”, vraagt Seidell zich af. Hiervoor is een aanpassing van het voedingspatroon noodzakelijk. Voor Nederland betekent een verdubbeling van de consumptie van groente en fruit, en meer dan een halvering van de zuivel- en vleesconsumptie. Toen Seidell in 1976 begon met zijn werk voldeed 5-10 procent van de Nederlanders aan de richtlijnen voor goede voeding. En nu, in 2022 zijn die percentages hetzelfde. Alle voorlichting en diverse campagnes hebben weinig geholpen, concludeert Seidell.

Kinderen

Seidell heeft veel onderzoek gedaan naar de voeding van kinderen. Dagelijks moeten zij 250 gram groente eten, maar in de praktijk is dit zo’n 70 gram. Ze eten meestal alleen groente bij de avondmaaltijd. Momenteel zijn er wel ongezonde producten op de markt waar ‘symbolische hoeveelheden groente’ in zijn verwerkt. “Dat is niet de manier om de groenteconsumptie te verhogen”, aldus Seidell.

Als je kijkt naar de inhoud van lunchtrommels zijn de meeste gevuld met wit brood belegd met nutella of jam en een zout drankje. Slechts in 3 procent van de broodtrommels zit groente. Seidell is voorstander van schoollunches, zoals in andere landen. Bijvoorbeeld in Frankrijk krijgen kinderen een 3 gangen lunch. Deze kinderen eten met de lunch al meer groente en fuit dan Nederlandse kinderen de hele dag eten.

Ontwikkelingen voedselmarkt

Voedsel is nog nooit zo goedkoop is geweest. In de 19e eeuw had een doorsnee gezin bijna al het inkomen nodig voor de eerste levensbehoeften, in 1960 was dat nog iets meer dan 30 procent en in 2018 nog 8 procent. Tegelijkertijd blijkt uit cijfers van het CBS dat ongezonde voeding nauwelijks duurder is geworden, terwijl de prijs van groente en fruit zo’n 30-40 procent is gestegen.

Daarnaast besteden consumenten steeds minder tijd aan de bereiding van eten. “We koken elk jaar een minuut korter”, zegt Seidell. Volgens hem is er geen enkele andere bevolking die zo weinig tijd aan voedsel – dat wil zeggen het koken en consumeren – besteed als de Nederlander. Bijvoorbeeld de lunchpauze op school. Kinderen krijgen hiervoor een half uur, waarvan ze slechts 8 minuten aan eten besteden. In die tijd kunnen kinderen geen uitgebreide groentemaaltijd eten.

Bewerkte, ongezonde voeding

In Nederland eten mensen vooral veel zwaar bewerkt voedsel uit de supermarkt. 70 procent van het aanbod in de supermarkt valt in deze categorie en uit onderzoek van Seidell blijkt dat 80 procent van de supermarktaanbiedingen uit ongezonde voeding bestaat. De horeca en catering geven eenzelfde beeld.

Afgelopen jaren is er veel productontwikkeling geweest, met name gericht op kinderen. Bijvoorbeeld ontbijtgranen, toetjes, dranken, repen. Allemaal in de markt gezet als ‘verantwoorde’ tussendoortjes. “Geen daarvan voldoet aan in de richtlijn goede voeding en past in de schijf van vijf”, zegt Seidell. “We hebben ons kapot geïnnoveerd aan producten voor kinderen, maar het zijn allemaal producten die ze eigenlijk niet zouden moeten eten of drinken.” Seidell vraagt zich af waarom er al die jaren geen gezonde tussendoortjes op de markt zijn gekomen. Producten die niet zoveel lege categorieën, suiker en zoetstoffen bevatten, maar juist rijk zijn aan vezels, eiwitten en andere voedingsstoffen waar kinderen te weinig van binnen krijgen.

Bij plantaardige producten ziet Seidell hetzelfde gebeuren. Consumenten moeten minder vlees en meer groente eten. Dat is duurzamer en beter voor de gezondheid. Maar de meeste plantaardige producten zijn weer “ultraprocessed junkfood. We maken daar weer dezelfde fout mee als met ongezonde tussendoortjes.”

Gezonde voeding

Wat gezonde voeding is is bekend. Groente, fruit, noten, olijfolie, bladrijke groente en vette vis. Maar voor veel mensen, met name de lage inkomens, is dit niet haalbaar. Het is onbetaalbaar, mensen hebben te weinig tijd, te weinig kennis of er is te weinig aanbod in de buurt. Het aanbod bestaat juist vaak uit ultra bewerkte ongezonde voeding. De oplossing zoekt Seidell toch bij de voedingstechnologie.

“Voedingstechnologie is prachtig”, zegt Seidell. “Het heeft geleid tot minder voedselverspilling, tot meer houdbare producten, tot meer gemaksvoeding, tot lekker eten, microbiologisch veilig enzovoorts.” Maar het heeft vooral geleid tot een groter aanbod. In de jaren ’70 lagen er in de supermarkt zo’n 1.000 producten. Nu zijn het er 30.000, waarvan 29.000 ultra bewerkte ongezonde gemaksproducten zijn. En juist deze producten zijn altijd in de aanbieding.

Rol voedingstechnologie

Het uitbannen van zwaar bewerkte gemaksvoeding is geen optie volgens Seidell. “We kunnen niet terug naar de jaren ’50.” Maar waarom maakt de voedingsindustrie geen bewerkte producten die niet alleen gemakkelijk, houdbaar, lekker en niet te duur zijn, maar ook gezond. Waarom worden alle gunstige voedingsstoffen, zoals vitamines, vezels en eiwitten eruit gehaald en vervangen door suiker, zout en smaakmiddelen?

Seidell pleit voor ander voedselsysteem. Het huidige commerciële voedselsysteem moet gezonder en duurzamer worden. De overheid moet hier een rol inspelen en de verkoop van gezonde voeding aantrekkelijker maken. Stimuleer industrie na te denken over gezond gemaksvoedsel. Maak de gezonde en duurzame keuze goedkoper. En maak ongezonde en niet duurzame voeding juist duurder.

Conclusie

Het voedselsysteem moet zich niet langer richten op winstmaximalisatie op de korte termijn. “Op de korte termijn zou voedselsysteem zich moeten richten op gezonde en betaalbare voeding voor iedereen met minimale impact op milieu en klimaat, diversiteit en dierenwelzijn.” De voedingstechnologie moet hierop het antwoord op geven en dit overheid moet dit stimuleren. “We hebben een innoverende voedingsindustrie nodig. En natuurlijk ook consumenten die voor duurzaamheid en gezondheid kiezen.”